Erwin van den Buys

Erwin van den Buys
02 november 2020

1. Ik groeide op in/bij...

Eigenlijk ben ik een rasechte inwijkeling. In 1968 geboren in Wilrijk toen m’n ouders (beiden afkomstig uit Essen) in Hoboken woonden. M’n vader was namelijk rijkswachter, waardoor ze om de haverklap naar alle uithoeken van België moesten verhuizen, van Hoboken naar Oostende en terug naar Hoboken. Omdat m’n ouders het onzekere beu waren, hadden ze een vaste brigade aangevraagd. Zo werd er Berlaar voorgesteld, een rijkswachtbrigade in de Pastorijstraat. Nooit van Berlaar gehoord, maar de beslissing werd toch genomen waardoor ze in 1969 nog een keertje verhuisden met hun twee kinderen. Later dat jaar kwam ook nog het derde kind en het gezin was compleet.

Een vijftal jaren heeft m’n vader als rijkswachter rondgelopen in Berlaar, totdat hij bij de BOB van Mechelen aan een ingangsexamen meedeed en ook aanvaard werd. Met als gevolg, dat we weer moesten verhuizen in 1974. Ze hadden een oude boerderij gekocht in Melkouwen (van den Dillen, in het doodlopend straatje van boerderij Jos Mollen, Sparrenweg tegenwoordig), waar ik ben opgegroeid, een fantastische tijd heb gehad oep Merkaa en uiteindelijk 27 jaar gewoond heb, er stopte zelfs nen trein.

Ik herinner me nog levendig de steeds rondwandelende Fonne Berghmans en Julia, het winkeltje bij Marieke en Jules, boer Caster (altijd gaan spelen daar, leren bier drinken in z’n café-living, leren met de brommer rijden), Anna Block en den Beire, den biejnhaaver Nauwelaerts oawver de roet die mij mijn hele leven Ronny noemde (de naam van mijn broer, en ik durfde hem nooit corrigeren), teppe schiet elke zomer met de nodige radiomuziek en bakken bier, den Bulck die regelmatig met z’n tractors kwam voorbijgevlogen of soms vader Bulck met paard en hooischudder.

Ja, toen zat men nog buiten op straat in de zomer, tegenwoordig komt men thuis van het werk, den auto binnen, gaan de rollen naar beneden en zit men in hun privé-tuin of terras achteraan, aan de TV, computer of swipend op de smartphone. Word ik oud? Is dit nostalgie zoals ze zeggen? Of is dit echt allemaal jammer genoeg verdwenen en is het nu ieder voor zich. Heeft de social media wel degelijk het sociale leven verslagen?

„Via vrienden heb ik Radio Heikant ontdekt waar ik tot het einde ben bijgebleven.“

Alhoewel ik naar de lagere school in Berlaar-centrum ging, en Melkouwen toen blijkbaar meer van het centrum afhankelijk was, kwam ik weinig of niet in contact met De Hei. Alhoewel, af en toe eens naar de speeltuin in De Familia, en niet te vergeten de smoutebollen en frieten aldaar. Met de jaren had ik via vrienden ook Radio Heikant ontdekt waar ik tot op het einde ben bijgebleven. In die jaren heb ik de cafés ’t Smis en Alaska redelijk goed leren kennen aan de binnenkant, en dus met gevolg ook het ontdekken van De Chiro, het meubilair van elk café. Zo is mijn band met de Chiro leiding van toen, de volgende leiding(en) en vaste oud-leiding ontstaan, met alle gevolgen vandien.

2. Ik vertrok ...

Na m’n “studies” te hebben afgerond in de vakschool Sint-Lambertus in Heist-op-den-Berg, 7de jaar Meet- & Regeltechniek (ondertussen al heel wat jaren opgedoekt, jammer genoeg) en één jaar legerdienst, ben ik beginnen werken met als eerste job bij Pauwels Trafo in Mechelen.

Omdat dit niet echt m’n ding was, ben ik toch vrij snel in de petrochemie in het Antwerpse terechtgekomen, weliswaar korte contractjes telkens, regelmatig van kwaad naar erger. Totdat ik bij North Sea Petrochemicals (het huidige Borealis) terechtkwam, een gloednieuw petrochemisch project op Linkeroever in Kallo, toevallig ontdekt via een annonceke in de Gazet Van Antwerpen en zonder veel hoop voor gesolliciteerd. Alhoewel ik eerst inderdaad niet werd aangenomen en op de reservelijst terechtkwam, had ik het geluk om toch nog eens op gesprek te komen omdat iemand had afgezegd.

Uiteindelijk ben ik daar 11 jaar gebleven, 5 jaar vanaf constructie tot opstart (dit is abnormaal lang in dit wereldje!) en dan 6 jaar in het onderhoudsleven (maintenance zoals ze zeggen).

In 2000 kwamen er Arabieren op bezoek die geïnteresseerd waren om een identiek project te bouwen in Saoedi-Arabië. De Operations Manager van Kallo werd in alle stilte gevraagd om ook over te stappen, maar als voorwaarde wilde hij een aantal mensen met zich meenemen als technische steun. Zo ben ik, samen met 3 andere mensen gevraagd of we ook geïnteresseerd waren. Omdat het “9 to 5”-jobke me niet veel meer aansprak, en terug op zoek was naar actie en nieuwe uitdagingen, heb ik eigenlijk niet lang moeten nadenken en ben toen als eerste van de 5 vertrokken in 2001.

Het nieuwe project werd ontworpen en gebouwd door Samsung Engineering, waardoor ik dus eerst naar het verre onbekende Seoel in Zuid-Korea moest, waar ik ook nog een boek over kan schrijven van deze totaal onbekende verre wereld, alsook over de nare ervaringen tijdens m’n eerste trip naar Saoedi-Arabië (tijdens de Golfoorlog toen!). Eens je in dit wereldje zit, raak je er niet meer uit (het hoeft ook niet).

„Op 19 jaar tijd, heb ik in 7 landen langdurig projecten opgestart.“

Ondertussen ben ik aan m’n 7de project bezig, ’s werelds grootste raffinaderij in één keer gebouwd te Koeweit (oppervlakte 65 km2).
Na 19 jaar (voor alle vorige projecten samen heb ik 7 jaar doorgebracht in Korea, 4 jaar in Saoedi Arabie, 1 jaar USA, 1 jaar Vietnam, 1 jaar Singapore, 2 jaar Nederland (jaja, het was geinig man) en nu bijna 3 jaar Koeweit) nog steeds in de Meet- & Regeltechniek, de toeters en de bellen, de Instrumentatie dus, vanaf ontwerp, constructie, inbedrijfstelling tot opstart. Dit alles met een diploma van het Sint-Lambertusinstituut op zak en vanwege een aantal toevalligheden.

„In je professionele leven zijn er maar twee dingen belangrijk: interesse en motivatie.“

Als het een boost kan geven aan sommigen, en ik blijf het telkens herhalen aan jongeren, in je professionele leven zijn er maar 2 dingen belangrijk, dat zijn: interesse en motivatie, hier bereik je alles mee, of toch heel veel (en een beetje geluk dat er altijd wel is).
En natuurlijk de oogkleppen durven af te zetten, eens wijder durven kijken en geen kuddedier worden of doen wat de anderen doen, of wat de maatschappij van jou verwacht. Als ik zelf kandidaten moet interviewen hou ik geen rekening met de ellenlange resume’s en opstapelende certificaten, enkel proberen aan te voelen of de persoon geïnteresseerd en gemotiveerd is.

3. Het leven in mijn deel van de wereld is

Wonen en werken in het buitenland en de ongeveer 300 vluchten tot nu toe spreekt misschien tot de verbeelding, maar wees gerust, zeker de vluchten met steeds het nodige inpakken, uitpakken, trein, taxi, tegen de klok, inchecken, security, immigratie, wachten en het vliegen zelf, daar kijk ik echt niet meer naar uit. Continue aantonen wie je bent, waar je vandaan komt, wat je komt doen en voor hoe lang, begint wel tegen te steken, maar het hoort er nu eenmaal bij. Door in het buitenland te wonen, kan je inderdaad het land wat ontdekken, maar die interesse is er zeker niet in het Midden-Oosten, er is eigenlijk niks te zien of te beleven, zelfs de korte trips naar Abu Dhabi, Sharjah of Dubai spraken me niet aan. “Been there, done that”.

Koeweit

In het algemeen, leven in andere (verre) landen en andere culturen en godsdiensten doen je ogen en hersenen opengaan. Het doet je beseffen hoe goed en vrij het is in België, hoe goed vele dingen geregeld en voorhandig zijn (winkels, nutsvoorzieningen, luxe, ziektezorg, pensioen, werkloosheidsuitkering, etc.), dingen die we vanzelfsprekend vinden. Enkele simpele voorbeelden: in hoeveel landen kan je het water uit de kraan drinken? Wat zien we nog van het afvalwater eens het wegloopt? Hoeveel keer per jaar gaan we op reis? Voor hoeveel dagen zit er eten in onze kasten, frigo’s en diepvriezers? Hoeveel auto’s jonger dan 4 jaar rijden er rond? Wie heeft er geen smartphone? Ja, er kan veel verbeteren in België, maar er wordt dikwijls (of altijd) vergeten dat wij behoren tot de minderheid van de wereldbevolking die het geluk hebben om in West-Europa geboren te zijn. De meerderheid van de wereldbevolking weet ’s morgens niet wat ze die dag zullen eten.

Werken in het buitenland heeft me geconfronteerd met heel veel mensen die het met zeer weinig of niets moeten doen, waar hygiëne zoals wij het kennen een niet te betalen luxe is, hun hele leven lang, met een dagelijkse glimlach, waardoor ik het dikwijls moeilijk heb waarom er “thuis” zoveel wordt geklaagd over de niet-essentiële, kleine en verwaarloosbare dingen in het leven.

Ik kan misschien een volgende keer eens uitwijden over enkele overlevingsverhalen van mensen die ik ontmoet heb in die jaren ... Enfin, tot hier de levenswijsheid.

„Moraal van het verhaal: tis doa ni slecht oep de Haa.“

4. Wat ik vaak/nooit mis is ...

Volgend op het vorige, kan je wel denken dat ik het Bourgondisch leventje wel mis. Geen alcohol en varkensvlees in Koeweit doet me dikwijls kwijlen, vooral dan als het passeert op de TV, de VRT, iets dat voor mij ook onmisbaar is. Ik mis vooral gezellig een pintje drinken aan den toog, af en toe eens een speciaal biereke of trappist, op restaurant gaan, ne frut mee stauwvliejes en majjeneis natuurlijk, en vooral de Vlaamse kost van ons moeder (verse soep, savooistoemp met varkensgebraad, patatten met prei in witte saus en chipolata’s, pejkesstoemp met chipolata’s, anything!).

Het gamma van brood, pistolets en charcuterie in België is ook uniek in de wereld, geloof me! Ne simpele boterham met ontvette hesp of jonge kaas doet wonderen met mij, vooral de Américain préparé van de Keurslager of de kip curry van den bakker op het plein op de Hei is hemels. Ons moeder zorgt er telkens voor dat het klaar ligt in m’n ijskast. Zo zie je maar, de simpele dingen krijgen plotseling een niet te evenaren waarde.

Wat ik niet mis? De files, de zure gezichten achter het stuur, de ieder-op-zich mentaliteit, het geen geduld en lange gezichten aan de kassa’s, het stom voorbij passeren aan m’n voordeur zonder ne goeiendag, VTM, de zielige en immer onbegrijpelijke politieke kindercrèche (in de privé word je ontslagen met zo’n langdurige houding of gedrag, zonder te presteren). De zomers hier in Koeweit zijn redelijk “bloody hot and humid”, tot halverwege de 50 graden, maanden aan een stuk geen wolkje aan de lucht. Klinkt mooi, maar ik mis toch de 4 seizoenen, en af en toe eens een goei bui.

Nog iets wat ik mis is het langer licht blijven in de zomer, en vroeger donker in de winter. In al die jaren verbleef ik in landen waar er weinig of geen verschil is tussen winter en zomer, en dat doet raar als je thuiskomt op verlof. Dit is dus ook weer niet vanzelfsprekend.

Vrienden

5. Ik kom terug naar de Hei als...

Definitief terugkomen naar België? Neen! Daar hoef ik niet over na te denken. Tijdens de afgelopen 19 jaar in het buitenland was ik aan een nieuw project begonnen bij Total in Antwerpen, om terug korter bij huis en m’n ouders te zijn. Maar de dagelijkse files ’s morgens en ’s avonds, de kortzichtige mentaliteit op het werk, de typische “9 to 5” job, de dagelijkse “rat-race” kan ik blijkbaar mentaal niet meer aan. Het werd me teveel, hield het na 9 maanden voor bekeken en ben terug vertrokken.

Voor diegenen die zich afvragen: Is dieje getrouwd? Ja, met een Filipino sinds 2013, elkaar ontmoet in 2007 in Saoedi-Arabië.
En ja, we zien elkaar ook niet veel, ofwel in België of in de Filippijnen, of zoals in het verleden met periodes samenwonend in Singapore en Nederland, of samen op reis naar andere oorden. Dit zijn we ondertussen gewoon, en binnen dit en zoveel jaren zullen de Filippijnen wel mijn eindbestemming worden. Wanneer en hoe weet ik niet, we zien wel, hoe minder gepland, hoe minder tegenvalt.

 

© All rights reserved.

Heikrantje

VZW onder onze kerktoren
Diamantstraat 18
2590 Berlaar
BTW nr: 0752.612.805
IBAN: BE08736073482113

Volg ons